Dag 1-2-3-4-5-6-7-8

18 juni 2008: LF 1 Noordzee route

De vijfde dag

Om 8 uur 's morgens fietsen we richting de kust van Noordwijk aan Zee. Voordat we verder gaan met de route fietsen we eerst nog even over de boulevard en dan volgen we het fietspad de duinen in richting Katwijk aan Zee. De wind staat nu pal op kop en de route gaat door de Katwijkse duinen naar Scheveningen.

Vlak voor Scheveningen komen we door het natuurgebied Meijendel wat eigendom is van het Duinwaterbedrijf Zuid-Holland. De naam is afgeleid van de centraal gelegen vallei Meijendel, waar van oudsher veel Meidoorns groeien. In 1874 begon de Haagse Duinwaterleiding drinkwater in de duinen te winnen. Rond 1900 werd er meer water aan de duinen onttrokken dan dat er bij kwam, zodat de duinvalleien verdroogden en flora en fauna verarmde. Ter aanvulling van de
watervoorraad is er rond 1955 begonnen om rivierwater uit de Lek (later de Maas) te infiltreren in duinvalleien en gegraven plassen. De drinkwatervoorziening heeft het gebied overigens behoed voor grootschalige huizenbouw en wegenaanleg. De flora en fauna zijn uitzonderlijk rijk vanwege de afwisseling in vocht, humus en kalkgehalte in de van oorsprong voedselarme bodem. Dus wij genieten met volle teugen van de afwisselende begroeiing in dit gebied. Enige tijd later komen we weer in de bewoonde wereld en de route gaat door de Villawijken van Scheveningen.

Uiteraard wijken we even van de route af om ook een rondje over de Pier te maken. Vanuit de Pier heb je een mooi overzicht naar het Kurhaus. Na een vorstelijke visschotel (zonder meeuwen!) gaan we richting Den Haag, Kijkduin en langs het dorpje Monster. Wat we van Monster zagen was ook monsterlijk lelijk. In de verte zien we de kerk en molen van 's-Gravenzande en even later veranderd het landschap van duinen in een glazen stad van

kassen. Het liefst had ik omgedraaid en weer terug gefietst naar Texel. In Hoek van Holland gingen we dan ook letterlijk de hoek om en kregen nu de wind schuin achter ons. Dat was een genot. Langs de Nieuwe waterweg naar Maassluis dobberde heel veel Knobbelzwanen en we staken het water over naar Rozenburg met een veerboot. Tjonge, tjonge wat werd ik chagrijnig na zoveel moois gezien te hebben en nu dit. Je rook de olie raffinaderijen goed. En daarbij konden we de weg naar de camping ook nog niet eens vinden tussen al die drukke wegen en bruggen. Ook begon het al te schemeren en ik was moe. Eindelijk kwamen we twee vrouwen op de fiets tegen die uit de omgeving kwamen en ons de weg wisten te vertellen hoe we naar de camping moesten fietsen. En na een kwartiertje stonden we op de camping en werden hartelijk ontvangen door de beheerder.

Foto's